Gezondheid en zorg

Insecten en andere beesten

Zowel overdag als 's avonds/'s nachts is bescherming tegen insectenbeten aan te raden. Malariamuggen en zandvliegjes steken vooral in de avond en nacht, maar de “Dengue mug” en veel andere insecten steken juist overdag.

Hieronder wat informatie over: 

  • De Tseetseevlieg
  • Zandvliegen en vlooien
  • Myasis
  • Bedbugs
  • Kakkerlakken
  • De mijnworm
  • Bloedzuigers
  • Honden, vleermuizen en apenbeten
  • Slangen
  • Spinnen
  • Schorpioenen

Algemene adviezen tegen muggen

  • Gebruik in de tropen bij het slapen een (geïmpregneerd) muskietennet. Koop die in Nederland. Zie ook de folder "het muskietennet"
  • Bedek de huid met lange mouwen en broekspijpen, sokken en dichte schoenen. Trek (zeker als je ergens zit) de sokken over de lange broek, zodat insecten er niet tussen kunnen kruipen.
  • Smeer de onbedekte huid in met een insecten werend middel, dat DEET (30-50%) bevat. Smeer ook de enkels onder je sokken in, want de muggen prikken door je sokken heen. Niet smeren op lippen, ogen of een beschadigde huid (zoals wondjes, zonnebrand of eczeem). Zie ook de folder "insectenwerende middelen"
  • Als je ook zonnebrandcrème gebruikt moet je die eerst aanbrengen en pas als die ingetrokken is, minimaal 3 kwartier later, de DEET.
  • Donkere kleding en lekkere luchtjes als zeep en parfum trekken insecten aan.

Adviezen bij kinderen:

  • Onder de leeftijd van 2 jaar mag DEET niet sterker dan 30% zijn.
  • Smeer DEET bij kleine kinderen niet op de handen, omdat ze het dan in de mond en de ogen kunnen krijgen.
  • Zorg bij kinderen voor goed bedekkende (katoenen) kleding en schoenen.
  • Laat kinderen altijd onder een geïmpregneerd muskietennet slapen, ook overdag.

Adviezen voor zwangeren:

  • Muggen brengen ziekten over die voor een zwangere extra  risico's met zich meebrengen zoals Malaria, Gele koorts en Zika.
  • Reizen naar gebieden waar deze ziekten voorkomen worden door ons niet aangeraden.
  • Moet een zwangere toch naar zo'n gebied dan is een geïmpregneerd muskietennet een must en is zorgvuldig DEET gebruik (30%) is aan te raden.

INSECTEN OM OP TE LETTEN

De tseetseevlieg

Op safari in Oost Afrika kunt je tseetseevliegen tegenkomen (bijvoorbeeld in een open auto). Deze vliegen verspreiden de zogenaamde "slaapziekte". De vlieg komt ook in West Afrika voor met ongeveer dezelfde gevolgen.

Ze leven vooral in de buurt van water en lijken op grote steekvliegen (horzels). Hun beet gaat dwars door kleding heen. De steek is pijnlijk en kan overgaan in een zweer. Na 3 dagen tot enkele weken kan een griepachtige gevaarlijke ziekte ontstaan (de slaapziekte).

Draag geen donkere (blauwe) kleding en laat de autoramen zoveel mogelijk dicht. DEET werkt nagenoeg niet tegen deze vliegen!

Zandvliegen en vlooien

Zandvliegjes (Sandflies) zijn heel kleine mugjes. Ze steken 's avonds en 's nachts, vooral rond ogen en mond. Ze kunnen vervelende ziekten overbrengen zoals Leishmaniasis. Alleen een muskietennet met heel kleine gaatjes houdt ze tegen, ook daarom is een geïmpregneerd muskietennet aan te bevelen.

Zandvlooien (Jiggers) zijn zeer kleine vliegjes. Je komt ze vooral tegen op en bij stranden. De vlooien wachten in het zand geduldig tot er een argeloze voorbijganger blootsvoets langskomt. De zandvlo graaft zich vervolgens in de voetzool in en begint rondom zich honderden eitjes te leggen. Dit geheel ontwikkelt zich tot een jeukend hard bobbeltje ter grootte van een erwt. Met een steriele naald kun je 'het' eruit halen. Door schoenen of sandalen te dragen voorkom je besmetting. De zandvlo komt maar zo’n 10 cm hoog.

Nog meer vliegen..

In Afrika leven vliegjes die eieren leggen in zand en op vochtig wasgoed dat buiten te drogen hangt. Door direct contact met het wasgoed kan besmetting plaatsvinden. Er ontstaan puisten met een klein gaatje erin (Myasis).

De larve zit in de puist (je voelt en ziet de puist bewegen). Door de puist met vaseline af te dekken krijgt de larve geen zuurstof en komt naar buiten (dat kan pijnlijk zijn). Wasgoed moet daarom heet gestreken worden. In Zuid-Amerika zitten de eitjes op bladeren aan de rand van het bos. Daar ontstaan de puisten vooral aan het hoofd. Deze larven hebben weerhaakjes en moeten door een arts verwijderd worden.

Bedwantsen ('Bedbugs')

Bedwantsen zijn uitermate irritant en moeilijk van te voren op te sporen. Ze zitten in (vieze) matrassen en beddengoed (kijk naar bloedvlekjes op het matras) ook in Europa. Word je 's nachts jeukend wakker en zijn het geen muskieten dan weet je waar het door komt.

Je eigen kussensloop/laken op het beddengoed leggen kan helpen. Stop je geïmpregneerde muskietennet onder je eigen beddengoed om de beestjes tegen te houden. Overdag kunt je met een insectenkiller in de weer gaan, maar een gevaar is dat je dat spul de hele nacht ligt in te ademen.

Kakkerlakken

Tenslotte nog de kakkerlak. Ze komen in grote getale voor in veel ho(s)tels. Ze bijten niet en zijn verder ook niet gevaarlijk, maar zien er niet echt lekker uit. Ze komen te voorschijn als het donker is. In sommige landen vliegen exemplaren van wel 5 cm door je kamer. Een extra reden om voor een goede nachtrust een muskietennet te gebruiken.

BETEN DOOR ANDERE BEESTEN

De honden- en kattenmijnworm

Honden en katten die besmet zijn met deze parasiet verspreiden de eieren via de ontlasting. Beesten zwerven en poepen op het strand en de eieren blijven daar achter.

De strandganger zit of ligt op het zand en de larven kruipen door de huid. Dit geeft huidinfecties, de larve verplaatst zich onder de huid met een snelheid van 3 cm per dag. Ga dus altijd op een (hand)doek zitten of liggen maar draai die niet steeds om. Stranden in Gambia en Thailand waar honden rondlopen zijn vrijwel zeker besmet.

Bloedzuigers

Bloedzuigers zijn er in bijna elk tropisch bos en vochtig natuurgebied. Met name in  het natte seizoen kom je ze tegen. Je kunt er veel last van hebben, ze zuigen zich vol met je bloed. Ze zijn echter niet gevaarlijk, maar als je ze niet op een juiste manier verwijdert ontstaan er vervelende wondjes.

Als een bloedzuiger zich heeft volgezogen met bloed laten ze zelf los. Vrijwel niemand wacht daar op. Je kunt ze ook verwijderen door ze net als een teek met een pincet zo dicht mogelijk bij de huid vast te pakken en langzaam omhoog eraf te trekken. Meestal komt het echter door paniek neer op van de huid af slaan. Maak het wondje wel goed schoon met een desinfecterend middel.

Honden, vleermuizen en apen

Huisdieren, maar ook wilde apen, vossen en vleermuizen kunnen besmet zijn met het rabiës of hondsdolheid virus. Voor de tegenwoordig fietsende reiziger in arme delen van steden zijn loslopende honden een risico. Pas ook op met selfies met exotische dieren, je bent niet in een Nederlandse dierentuin.

Hondsdolheid komt in de hele wereld voor maar vooral in ontwikkelingslanden. Ook in landen als Turkije en Marokko loopt je risico. Het virus verspreid zich via het speeksel van besmette zoogdieren zoals honden, katten, apen of vleermuizen.

Het is niet altijd te zien of dieren besmet zijn. Sommige dragen het virus bij zich zonder er zichtbaar last van te hebben. Het is in elk geval verdacht wanneer een dier onrustig of agressief is. Ook is het verdacht als een schuw dier dat niet meer is (dat lijkt juist zo leuk zeker met kinderen).

Meer informatie vindt u in de folder 'Rabies'

Slangen

Het merendeel van de slangen is niet giftig. Slangen (ook gifslangen) zijn zelden agressief. Ze bijten een mens normaal gesproken alleen als ze zich bedreigd voelen. 

Er zijn maar enkele slangen echt gevaarlijk voor de mens; zoals de Cobra, de Mamba, de Krait (een zeeslang), de Koraalslang en de Ratelslang. Slangen komen boven een hoogte van 4000 m niet meer voor.

Voorkomen dat je gebeten wordt.

  • Gebruik een zaklamp als je in het donker in een gebied loopt waar slangen voor kunnen komen.
  • Draag hoge schoenen en een lange broek als je buiten loopt.
  • Stop nooit je hand in een gat of hol.
  • Als je door hoog gras loopt maak dan lawaai of sla met een stok of tak voor je uit, zodat de slang op tijd kan vluchten.
  • Check altijd eerst je (hoge)schoenen of laarzen voor je ze aantrekt.
  • Pas op met tassen en rugzakken, ook hier altijd even checken wat er in zit voordat je er iets uit gaat pakken. Je zult niet de eerste zijn die in een grote stad met een slang in zijn tas rond loopt.
  • Zie je een slang, blijf dan rustig. De slang zal net als jij snel willen verdwijnen. Zorg ervoor dat hij weg kan en niet langs jou hoeft te ontsnappen. Loop in dat geval langzaam achteruit.
  • Een slang die niet beweegt is niet dood maar wacht tot een prooi dicht genoeg bij is om aan te kunnen vallen. Ze blijken dan ineens supersnel te zijn. Maar ook een echt dode slang kan tot een uur na de dood nog bijten door een bijtreflex. Kinderen en helaas ook volwassenen vinden het leuk met een stok aan een slang te komen of er van dichtbij een foto van te maken. Stoer maar jammer als het je laatste vakantiefoto is.
  • Wees voorzichtig als je bij meertjes of riviertjes gaat zwemmen waar een dichte plantengroei is. 
  • Wees voorzichtig met hout sprokkelen of het verplaatsen van hout.

Algemene verschijnselen van een slangenbeet

  • Zwelling op de plek waar je gebeten bent.
  • Blaarvorming op die plek.
  • Koorts
  • Misselijkheid, braken
  • Snelle hartslag (niet alleen van de stress)

Behandeling

  • Probeer vooral rustig te blijven en drink geen alcohol tegen de schrik. Stress geeft een snelle doorbloeding en dus ook snellere verspreiding van het gif.
  • Probeer zoveel mogelijk informatie over de slang te onthouden. Kleur, lengte en huidtekening zijn daarbij belangrijk. Maak nu wel een foto met je mobiel. In het ziekenhuis weten ze dan of ze tegengif moeten gebruiken.
  • Houdt het lichaamsdeel stil en zo laag mogelijk zodat het gif zich niet te snel verspreidt door de rest van het lichaam. 
  • Was de wond zo goed mogelijk schoon met veel water (en zeep).
  • Als je het bij je hebt kunt je direct een licht drukverband (laten) aanleggen boven de beet (niet afknellen). Dus bijvoorbeeld om het onderbeen als je in je voet gebeten bent. Daarna een licht drukverband over de beet zelf. Doe dit niet meer als het lichaamsdeel al opgezwollen is.
  • Eventueel paracetamol (1000 mg) nemen tegen de pijn (geen middel als ibuprofen)
  • het met de mond uitzuigen van gif, het snijden in de beet en het afbinden van het ledemaat zijn niet aan te bevelen.
  • Er zijn goed werkende antislangen uitzuig pompjes, als je die bij je hebt hiermee direct aan de slag gaan.
  • Probeer vervoer te regelen naar een dokter of ziekenhuis.

Spinnen

De meeste spinnen zijn ongevaarlijk. Spinnen bijten alleen als je erop gaat staan of als ze klem komen te zitten. Normaal gedrag is dat ze weglopen.

Bekende giftige spinnen zijn de "Zwarte Weduwe" die ook in Zuid Europa voorkomt, de Amerikaanse "Brown recluse spider" en de "Redback spider"(Australië). Vooral kinderen lopen hierbij gevaar.

Een beet van een giftige spin is meestal niet direct pijnlijk. De pijn begint pas 10 minuten later. Waar de spin gebeten heeft ontstaat vaak een blaar. Als je de spin nog ziet maak dan een foto, maar alleen als je geen risico loopt.

Behandeling:

  • Acuut naar het ziekenhuis als je denkt dat het een gevaarlijke spin was.
  • Net als bij slangenbeten het aangedane lichaamsdeel zo min mogelijk bewegen en laag houden en verbinden met een licht drukverband. Dit om te voorkomen dat het gif zich te vlug verspreidt.

Schorpioenen

Schorpioenen zijn veel minder vaak giftig dan gedacht wordt. In sommige streken denkt men dat iedere steek van elke soort dodelijk is, wat absoluut niet waar is. Van de vele honderden soorten schorpioenen zijn er maar enkele tientallen echt gevaarlijk voor de mens. Geschat wordt dat één procent van alle gestoken volwassenen sterft, en alleen bij de gevaarlijke soorten. Bij kleine kinderen liggen de percentages wel hoger. Oppassen is dus zeker aan te bevelen.

Schorpioenen zijn ‘s nachts actief. Loop ‘s nachts dus niet met blote voeten waar schorpioenen verwacht kunnen worden. Gebruik een zaklamp. Laat kleding en schoeisel niet slingeren en controleer ze alvorens ze aan te trekken. Overdag verschuilen ze zich onder stenen en in gaten en onder je niet goed opgeborgen kleren. Pas dus op met het weghalen van stenen (kinderen) en stop je hand nooit in een gat of hol.

Als u onverhoopt toch gestoken wordt:

  • Raak niet in paniek. Realiseer je dat de kans op overleven erg groot is.
  • Meestal wordt het slachtoffer in een van de ledematen gestoken. Heb je verband leg dan, net als bij een slangenbeet, boven de steekwond (dus bijvoorbeeld bij de enkel of het onderbeen als de beet in de voet zit) een licht drukverband aan (niet afknellen). Leg daarna een licht drukverband op de beet zelf aan. Het gif verspreid zich hierdoor minder snel door het lichaam.
  • Beweeg het gestoken lichaamsdeel zo min mogelijk en houdt het laag. Hang een arm bijvoorbeeld een mitella.
  • Gebruik alleen paracetamol (1000 mg) om de soms helse pijnen tegen te gaan.
  • Ga zo snel mogelijk naar een arts of ziekenhuis.